Pleisters op schone wonden: een gewoonte die blijft plakken
Iedereen die in een ziekenhuis werkt weet dat een groot deel van de zorg draait op routine. Veel dingen die we doen, doen we ‘’omdat dit altijd zo gaat’’ en ‘’het toch gewoon goed werkt’’. Als piloten in onze cockpit gaan we vaste routines en checklists af: iets dat ons veel oplevert maar waarbij conservatieve gewoontes nogal vasthoudend worden toegepast.
Zo is het ook met de eilandpleister. Het Landelijk Netwerk de Groene OK heeft een factsheet gepubliceerd waarin wordt beschreven dat het peroperatief of postoperatief afplakken van een schone, primair gesloten wond de infectiekans niet verlaagt en dus simpelweg niet nodig is 1. Stop met plakken zou je zeggen, maar dat blijkt niet zo gemakkelijk. Mogelijke redenen: zorgverleners en patiënten voelen zich daardoor veiliger, visuele geruststelling, uit angst voor klachten, schone kleding, baat het niet dan schaadt het niet of een bepaalde hygiënebeleving want een wond zonder pleister is toch vies.
En dus valt het op dat op vrijwel elke postoperatieve, droge wond op magische wijze een pleister belandt. Is het bij hoge uitzondering gelukt om de patiënt van de verkoever te laten vertrekken zonder pleister, valt je bij je rondje op de dagbehandeling ineens toch iets op: het bekende witte ronde plaatje met absorberend kussentje; daar is hij tóch weer. Het is alsof de patiënt een paraplu wordt meegegeven in de woestijn voor het geval het gaat regenen.
Alhoewel deze gewoonte onschuldig lijkt, is het toch een behoorlijke en overbodige belasting van het milieu. Als ik kijk naar de afdeling chirurgie in alleen mijn eigen ziekenhuis zou het achterwege laten van de pleister al bijna 1000kg afval per jaar schelen. We hebben met zijn allen een verantwoordelijkheid om te kijken naar hoe we de middelen die we hebben zo logisch, zuinig en milieubewust mogelijk kunnen inzetten. Laat die compleet onnodige paraplu dus vooral lekker staan.
Elise de Savornin Lohman, lid NVvH Werkgroep Groene OK